Broedvogels

Op grond van de Europese Vogelrichtlijn geldt een beschermde status voor alle inheemse broedvogels en is informatie nodig over de populatiegrootte, trends en verspreiding van de soorten, zowel op landelijk niveau als op het niveau van Natura 2000-gebieden. Ook is informatie nodig over het voorkomen van invasieve exotische vogelsoorten die vermeld staan op de ‘Unielijst’. De populatiegrootte en -trends van de broedvogels worden gevolgd via diverse deelprojecten voor aantalsmonitoring. Het NEM voorziet niet in afzonderlijk verspreidingsonderzoek voor broedvogels en er wordt ook niet actief gestuurd op het verkrijgen van verspreidingsinformatie. Daar staat tegenover dat het meetprogramma voor
aantalsmonitoring al een goed beeld van de verspreiding levert. Dit beeld wordt bovendien aangevuld door de in 2018 verschenen Vogelatlas en het daarop aansluitende live-atlaswerk.

Organisatie

Coördinatie: Sovon Vogelonderzoek Nederland.
Uitvoering: Vrijwilligers, Sovon, CBS, Rijkswaterstaat WVL, provincies, terreinbeherende organisaties.
Opdrachtgevers: Ministerie van LNV, Ministerie van IenW (Rijkswaterstaat WVL), provincies.

Gegevens

Broedvogels worden gemeten in diverse projecten voor aantalsmonitoring, onder de overkoepelende naam Meetnet Broedvogels. Onder deze naam is oorspronkelijk gestart met tellingen van de algemene en schaarse broedvogels (BMP), niet veel later gevolgd door tellingen van zeldzame broedvogels (Z) en kolonievogels (KOL). Voor algemene en schaarse soorten betreffen de tellingen een steekproef van de populaties. Bij de zeldzame soorten en kolonievogels wordt zoveel mogelijk gestreefd naar integrale tellingen. Onder het BMP vallen ook enkele meer gespecialiseerde projecten gericht op bijzondere soorten en/of habitats, zoals voor boerenlandvogels (MAS), stadsvogels (MUS) en kustbroedvogels. Elk (deel-)project heeft zijn eigen meetprotocol en er zijn ook verschillende analyseprotocollen. Veelal worden (territoria van) broedparen in kaart gebracht, maar bijvoorbeeld bij de stadsvogeltellingen met het MUS-protocol, gaat het om tellingen van individuen en bij veel kolonievogels om bezette nesten. Veldwerkhandleidingen en een onderzoeksbeschrijving zijn te vinden op deze website en op die van Sovon (zie onder Links). Broedvogels worden in de meeste gevallen geïnventariseerd door vrijwilligers, maar bij de provinciale boerenlandvogeltellingen, de metingen aan kustbroedvogels in het Waddengebied en metingen in de zoete en zoute Rijkswateren worden ook beroepskrachten ingeschakeld. Rijk en provincies hebben een ruilovereenkomst m.b.t. de gegevens. Onderdeel daarvan is een loketfunctie bij Sovon om vogelinformatie aan provincies te leveren. Dit gebeurt via de website van Sovon, waarop trend-, aantals- en verspreidingsinformatie wordt gepresenteerd op landelijk, provinciaal en gebiedsniveau.

Zie ook de veldwerkhandleiding en de onderzoeksbeschrijving.

Meetdoelen voor deze soortgroep

Sterk sturende meetdoelen

  • Habitatrichtlijn/Vogelrichtlijn: landelijke trends
  • Habitatrichtlijn/Vogelrichtlijn: landelijke verspreiding van soorten
  • Trilateral Monitoring and Assessment Program: trends van vogels in het Waddengebied
  • Farmland Bird Index: landelijke trends van boerenlandvogels
  • Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer: landelijk trends
  • OSPAR Commission: landelijke trends
  • Aviaire Influenza: landelijke trend en landelijke verspreiding

Matig sturende meetdoelen

  • Natura 2000: trends per Natura 2000-gebied
  • Natura 2000: populatiegrootte per Natura 2000-gebied
  • Habitatrichtlijn/Vogelrichtlijn: trends in gezamenlijke HR-/VR-gebieden
  • Habitatrichtlijn: structuur & functie van habitattypen (o.a. Rode Lijst-status van typische soorten)
  • Invasieve exoten: landelijke trends
  • Rode Lijsten: Rode Lijst-status van soorten

Indirecte meetdoelen

  • Ramsar (wetlands): trends per Ramsargebied
  • Convention on Biological Diversity: landelijke trends
  • Schadesoorten: landelijke trends
  • Kwaliteit van het agrarisch gebied: landelijke trends
  • Kwaliteit hoofdwatersystemen: trends van vogels
  • Klimaatverandering: landelijke trends en fenologische verschuivingen
  • Natuurgraadmeters: landelijke trends, trends per biotoop etc.
  • Stadsnatuur: landelijke trends
Kwaliteitsborging:

De standaardisatie van het veldwerk is voorgeschreven in de veldhandleidingen van het BMP en van het LSB. Er is een geautomatiseerde controle op fouten en onwaarschijnlijke gegevens. Bij de statistische analyse wordt gecorrigeerd voor mogelijke vertekeningen als gevolg van ontbrekende tellingen, overbemonstering van bepaalde regio’s en dergelijke.

Gebruikersinformatie:

Tijdreeksen met resultaten zijn beschikbaar vanaf 1990 (er zijn ook oudere gegevens). De veldgegevens en de gegevens met de exacte ligging van de meetlocaties zijn alleen bij uitzondering beschikbaar. Deze worden beheerd door Sovon.

Nieuwe resultaten zijn elk jaar in de herfst beschikbaar. Trends en jaarcijfers van bijna alle broedvogels (inclusief de kolonievogels en zeldzame soorten) zijn per soort te vinden op de website van Sovon. Natuurgraadmeters en trends per soort met toelichting zijn ook voorhanden in het Compendium voor de Leefomgeving, in het jaarlijkse Sovon-broedvogelrapport en onder de knop Dataloket.