Dagactieve zoogdieren

Het Meetnet Dagactieve Zoogdieren is gericht op het volgen van de populatieontwikkeling van enkele algemeen voorkomende zoogdieren zoals konijn, haas, ree, vos en eekhoorn.

Organisatie:

Coördinatie: Zoogdiervereniging.
Uitvoering: Vrijwilligers bij vogelmeetnet, CBS, SOVON, Zoogdiervereniging, duinbeheerders.
Opdrachtgever: Ministerie van EZ.

Veldwerkmethode

Dagactieve zoogdieren worden tegelijk met broedvogels geteld in telgebieden van het broedvogelmeetnet. Deze worden geteld met een steekproef van enige honderden vaste meetlocaties van circa 50-200 hectare groot. Aanvullend zijn er tellingen van konijnen in de duinen, door terreinbeheerders. Konijnen worden daarbij op een aantal avonden in zowel voorjaar als najaar geteld op vaste routes vanuit de auto.

Zie ook de veldwerkhandleiding en de onderzoeksbeschrijving.

Toepassingen:
  • Landelijke trends van de haas in agrarisch gebied (NEM-meetdoel)
  • Trends van het konijn, zowel landelijk als in enkele deelgebieden, in verband met bejaging en ziekten
  • Trends op diverse schaalniveaus, voor natuurgraadmeters in de Natuurbalans en voor rapportages voor biodiversiteitsconventies, waaronder de Convention on Biological Diversity (NEM-meetdoel)
  • Jaarlijkse actualisering Rode Lijst Zoogdieren
Kwaliteitsborging:

De standaardisatie van het veldwerk is voorgeschreven in de veldhandleiding van het Broedvogel Monitoring Project. Er is een geautomatiseerde controle op fouten en onwaarschijnlijke gegevens. Bij de statistische analyse wordt gecorrigeerd voor mogelijke vertekeningen als gevolg van ontbrekende tellingen, overbemonstering van bepaalde regio’s en dergelijke.

Gebruikersinformatie:

Het meetnet loopt vanaf 1994. Landelijke resultaten voor de haas en het konijn zijn er echter pas vanaf 1997. De aparte duintellingen van het konijn lopen vanaf 1986. De veldgegevens zijn alleen bij uitzondering beschikbaar. Deze worden beheerd door de Zoogdiervereniging.

Nieuwe resultaten zijn elk jaar in de zomer beschikbaar. Natuurgraadmeters en trends per soort met toelichting zijn voorhanden in het Compendium voor de Leefomgeving en onder de knop Dataloket.

Sluit Menu