Nestkaarten

Het Meetnet Nestkaarten levert informatie over het broedsucces van vogels en over het tijdstip van het broeden en de veranderingen daarin.

Organisatie:

Coördinatie: Sovon Vogelonderzoek Nederland.
Uitvoering: Vrijwilligers, Sovon, Werkgroep Roofvogels Nederland, Steenuilen Overleg Nederland, CBS, Weidevogelwachten en Landschapsbeheer Nederland.
Opdrachtgever: Ministerie van EZ en BIJ12.

Veldwerkmethode

Van 43 soorten vogels worden steekproefsgewijs nesten gevolgd in het broedseizoen. Vóór de opkomst van internetopgave werden de gegevens per nest op papier gezet, vandaar de term nestkaarten. Per soort wordt gestreefd naar minimaal 60 gevolgde nesten per jaar. Verdere veldwerkdetails zijn beschreven in een veldhandleiding. Behalve broedsucces wordt per nest de eerste eilegdatum bepaald.

Toepassingen:

De nestkaartgegevens worden onder meer gebruikt voor het bepalen van :
• Trends in het broedsucces van Waddenvogels (NEM-meetdoel TMAP).
• Trends van het broedsucces van weidevogels, waaronder grutto en kievit (NEM-meetdoel).
• Trends in het tijdstip van broeden van een aantal soorten in relatie tot klimaatverandering (NEM-meetdoel).

Kwaliteitsborging:

De standaardisatie van het veldwerk is voorgeschreven in een veldhandleiding. Er is een geautomatiseerde controle op fouten en onwaarschijnlijke gegevens.

Gebruikersinformatie:

Het meetnet is gestart in 1995. Vanaf dat jaar zijn van diverse soorten nestsuccesgegevens en eerste eilegdata per soort beschikbaar. Van een deel van de soorten beginnen de tijdreeksen pas enkele jaren later. De veldgegevens zijn alleen bij uitzondering beschikbaar. Deze worden beheerd door Sovon. De gegevens met de exacte ligging van de meetlocaties zijn op aanvraag beschikbaar bij Sovon.
Nieuwe resultaten zijn elk jaar in het najaar beschikbaar. Trends in eilegdatum per soort en een klimaatgraadmeter daarover zijn voorhanden in het Compendium voor de Leefomgeving.

Sluit Menu