Nestkaarten

Het Meetprogramma Nestkaarten levert informatie over het broedsucces van vogels en over het tijdstip van het broeden en de veranderingen daarin. Met gegevens over de reproductie zijn toekomstige veranderingen in de populatiegrootte al in een vroeg stadium te signaleren en kan daarop worden geanticipeerd in het beleid, met name voor wadvogels (in het kader van TMAP) en weidevogels (in het kader van agrarisch natuurbeheer). Tevens zijn fenologische veranderingen onder invloed van bijvoorbeeld klimaatverandering te signaleren.

Organisatie:

Coördinatie: Sovon Vogelonderzoek Nederland.
Uitvoering: Vrijwilligers, Sovon, Werkgroep Roofvogels Nederland, Steenuilen Overleg
Nederland, CBS, Weidevogelwachten & LandschappenNL, Stichting Kerkuilenwerkgroep
Nederland, Stichting Hirundo, Werkgroep NESTKAST, Werkgroep STORK,
Gierzwaluwbescherming Nederland, e.a.
Opdrachtgever: Ministerie van LNV, provincies.

Gegevens

Gegevensverzameling
Het meetprogramma bestaat uit het jaarlijks verzamelen en analyseren van data over broedsucces en de eilegdatum. Per vogelsoort worden de lotgevallen van een aantal nesten tot het uitkomen van de eieren (bij nestvlieders) of uitvliegen van de jongen (bij nestblijvers) gevolgd gedurende het broedseizoen, zoals legselgrootte, eilegdatum en broedsucces. In het meetprogramma Nestkaarten wordt samengewerkt met een aantal organisaties die nestgegevens verzamelen.
Data
De nestgegevens worden op een (digitale) kaart geregistreerd, vandaar de term nestkaarten. Voor algemene soorten wordt gestreefd naar een steekproef met een omvang van minimaal 60 nesten en nestkaarten per jaar. Voor zeldzame soorten wordt een lager aantal nog als voldoende beschouwd indien daarmee een substantieel deel van de nesten gevolgd kan worden. Van alle soorten samen worden jaarlijks enkele tienduizenden nestkaarten verzameld. Het meetprogramma is gestart in 1995, maar voor sommige soorten zijn ook eerdere gegevens beschikbaar; soms al vanaf de jaren zestig.

Meetdoelen voor deze soortgroep

Sterk sturende meetdoelen

  • Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer: landelijke trends

Matig sturende meetdoelen

  • Broedsucces weidevogels en waddenvogels

Indirecte meetdoelen

  • Kwaliteit van het agrarisch gebied: landelijke trends
  • Milieukwaliteit: landelijke en regionale trends
  • Klimaatverandering: landelijke trends en fenologische verschuivingen
  • Natuurgraadmeters: landelijke trends, trends per biotoop etc.
Kwaliteitsborging:

De standaardisatie van het veldwerk is voorgeschreven in een veldhandleiding. Er is een geautomatiseerde controle op fouten en onwaarschijnlijke gegevens.

Gebruikersinformatie:

Het meetnet is gestart in 1995. Vanaf dat jaar zijn van diverse soorten nestsuccesgegevens en eerste eilegdata per soort beschikbaar. Van een deel van de soorten beginnen de tijdreeksen pas enkele jaren later. De veldgegevens zijn alleen bij uitzondering beschikbaar. Deze worden beheerd door Sovon. De gegevens met de exacte ligging van de meetlocaties zijn op aanvraag beschikbaar bij Sovon.
Nieuwe resultaten zijn elk jaar in het najaar beschikbaar. Trends in eilegdatum per soort en een klimaatgraadmeter daarover zijn voorhanden in het Compendium voor de Leefomgeving.